Bob Marley’s Legend (A)Live Tour – Rootsriders & Royal Roots Band

De lange rij op het Boterdiep in Groningen beloofde veel goeds: jong en oud was naar de Simplon gekomen voor dit laatste Tribute2BobMarley van de Nederlands-Caraïbische Rootsriders. Na vijf jaar touren in binnen- en buitenland vindt de band het tijd voor nieuwe projecten. Op 11 mei, Marley’s 30e sterfdag, spelen ze in de Melkweg in Amsterdam hun allerlaatste Tribute.

In de afgelopen jaren waren ze twee keer eerder in Groningen en ook dit keer mag Rotterdams dancehall-talent Ashwin Jaydee de avond openen met zijn gladde, tropische liedjes (‘Murder She Wrote’, ‘Miss Jane’). De stemming moet er nog inkomen, maar dat komt goed zodra mister T2BM zelf op het podium verschijnt: de charismatische zanger Philip ‘Junior’ Tecla die best wel wat van Marley wegheeft. Met ‘Punky Reggae Party’ knalt hij er meteen in, waarna een hele riedel hits volgt (o.a ‘Buffalo Soldier’, ‘Stir it Up’, ‘Kinky Reggae’). De Royal Roots Band (de begeleidingsband van reggae-artiest Gyptian) speelt als een geoliede machine en krijgt het hele publiek meteen mee.

​Hoewel de show in vijf jaar tijd nauwelijks veranderd is, gebeurt er genoeg op het podium om de aandacht erbij te houden. Ashwin Jaydee en achtergrondzanger Mitchell Brunings nemen regelmatig Juniors plek in en er is veel ruimte voor gitaar- en bassolo’s. Bekende (‘War’) en minder bekende nummers (‘So Much Trouble in the World’) wisselen elkaar af. Ashwin Jaydee rapt en bubbled er hier en daar tussendoor en ‘The Heathen’ wordt afgesloten met een stuk dub. Ook de Curaçaose achtergrondzangeres Tamara Nivillac, die we bij eerdere shows nog niet zagen, staat in de schijnwerpers met een sterk gezongen ‘Turn Your Lights Down Low’, bijgestaan door Ashwin Jaydee.

Het is te merken dat deze formatie al vijf jaar ervaring heeft, er wordt strak en geroutineerd gespeeld. Misschien zelfs wat al te strak, het rauwe van Bob Marley’s eigen liveshows ontbreekt. Ondanks zijn vaak gepijnigde gezichtsuitdrukking legt zanger Junior weinig gevoel in de nummers. Het schurende hartzeer van een nummer als ‘Concrete Jungle’ wordt wel erg luchtig gebracht. Marley’s maatschappijkritische en opstandige boodschap valt weg. Vrolijke nummers als ‘Three Little Birds’ zijn beter, maar het geheel houdt een hoog hap-slik-weg-gehalte. Ook heeft Junior zich bepaalde elementen van Marley’s performance eigengemaakt (hand op het voorhoofd, één arm naar het publiek uitstrekken) wat aan zijn geloofwaardigheid afdoet. Als de band hem voorstelt als “misschien wel de reïncarnatie van Bob Marley” wordt het echt wat te gortig.

Als toegift spelen ze ‘Redemption Song’, “om de spirit van Bob werkelijk te voelen”. Een beetje cheesy, maar met veel aanstekers in de lucht komt het nummer wel aan. Junior maakt het daarna goed door zelf achter het drumstel te kruipen en de avond van de nodige funk te voorzien. ‘Could You be Loved’ was een sterke afsluiter geweest, maar daarna volgen nog ‘Is This Love’ en ‘Jammin” én een drumsolo. Het geeft niet: het publiek kan er geen genoeg van krijgen.

Na afloop is het lastig dansen op de plaatjes van Journeymen Soundsystem, op een vloer die plakt van het bier. Al met was het allemaal erg voorspelbaar, maar een lekker dansbaar reggaefeest was het wel. Het is hopen dat de Rootsriders nog eens terugkomen om hun eigen nummers te spelen: ze maken zelf goede geëngageerde reggae. Veelbelovend.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *