Jong, joods en liberaal: het hoofd in de wolken, de wind in de rug

Met zijn negentien jaar is hij de jongste kandidaat ooit op de provincieraadslijst van Open Vld. Ik spreek Toby Fischler op zijn kot in het centrum van Antwerpen, de stad waar hij al zijn hele leven woont en waar hij nu rechten studeert. Een ontspannen, welbespraakte jongeman met pretoogjes, die soms de gestelde vragen vergeet om te verdwalen in enthousiaste politieke betogen.

Toby FischlerNegentien jaar oud en al jaren actief in de politiek, nietwaar?
In de ruime definitie van het woord wel, ja. Ik ben drie jaar voorzitter geweest van het Europees Jeugdparlement. Vorig jaar ben ik ook jongerenambassadeur geweest voor Antwerpen Europese Jongerenhoofdstad. Daaruit is voortgevloeid dat ik ben verkozen tot lid van de Vlaamse Jeugdraad, waarin ik de Vlaamse overheid mag adviseren over bijvoorbeeld kinderrechten. Toen ik begon was ik 16 jaar, maar het was niet meteen mijn bedoeling om een politieke carrière te starten.

Wat was dan je motivatie?
Het Europees Jeugdparlement werd aangeboden door mijn school. Ik vond de EU toen al heel interessant en het leek me een leuke manier om mensen te leren kennen. Er ging toen een wereld voor me open. Momenteel ben ik te oud voor het congres maar zit ik nog wel in de Raad van Bestuur, als een soort organisator en adviseur.

En nu je dan ‘echt’ in de politiek zit, waarom heb je voor Open Vld gekozen?
Voor de ideologie uiteraard, het zijn de enige echte liberalen die zijn overgebleven. Ik hecht veel belang aan individuele vrijheden. Ik vind dat je mensen zoveel mogelijk zelf moet laten doen zonder interventie van een overheid. Het is een grote misconceptie in de maatschappij dat een overheid alles wat ze op zich neemt ook goed zal doen. Dat is niet altijd waar.

Annemie Turtelboom vroeg jou om op de Provincieraadslijst te staan, leek je dat wat?
De provincieraadslijst is niet het meest bruisende politieke niveau, maar dat vond ik net het leuke eraan. Het is iets waar mensen weinig van weten, waar ik een beetje awareness over kan brengen. De provincieraad wordt door heel veel mensen afgedaan als “waarom hebben we het nodig, schaf het maar af”. Maar de provincieraad doet ook zeer veel interessante dingen. Zaken op het gebied van bijvoorbeeld onderwijs of economie kun je niet aanpakken op gemeentelijk niveau. De provincie is al een hogere stratificatie met meer bevoegdheden. De diamantsector wil bijvoorbeeld dat er in diamantfabrieken geïnvesteerd wordt maar dat kan de stad Antwerpen niet doen. De provincie is daarvoor een vangnet.

Had je wel gehoopt dat je in de Provincieraad zou komen?
Je gaat natuurlijk niet op een lijst staan met het idee sowieso niet verkozen te worden. Ik wou er effectief wel voor gaan. Maar ik wist ook dat mijn partij het niet goed deed in de peilingen, dus het realistisch perspectief om verkozen te geraken was niet zo groot. Maar dat betekende niet dat ik niet de beuk erin kon gooien. Voor mij persoonlijk is mijn kandidaatschap een overwinning geweest. Dat ik niet verkozen geraakt ben, vind ik niet de ergste zaak van de wereld. Met 2300 voorkeursstemmen was ik de tweede op de lijst. Ik vind dat helemaal niet spijtig. Zoals de partij het zelf zegt: ik ben niet de volgende generatie, ik ben de generatie dáárna. Ik heb nog heel veel tijd (lacht).

Wat vind je van de prestaties van Open Vld bij de lokale verkiezingen in Antwerpen?
Uiteindelijk waren deze verkiezingen een tweestrijd tussen Patrick Janssens en Bart De Wever. En de liberale partij is nooit heel sterk geweest in Antwerpen, de stad heeft negentig jaar socialistisch verleden achter de rug.
Open Vld heeft een paar keuzes gemaakt die ons niet populair hebben gemaakt bij de bevolking. We hebben teveel in coalities gezeten waarin we teveel hebben moeten toegeven. We zijn onze identiteit kwijtgespeeld. Er is nu een vacuüm gecreëerd: rechtse kiezers hebben allemaal N-VA gestemd. Aan de linkerkant was dat zes jaar geleden ook zo, iedereen van PVDA+ en van Groen stemde op Patrick Janssens om een schouder kunnen bieden tegen Filip de Winter. Nu is er het tegenovergestelde gebeurd.
Maar dat Open Vld zo laag is gevallen is natuurlijk heel spijtig.

Dus Open Vld heeft een imagoprobleem?
Het is meer een probleem van ideologie die niet meer duidelijk is. Wij zijn echt wel tegen veel belastingen en voor sociale gelijkheid en veiligheid, maar dat is moeilijk te bewijzen als je altijd met je absolute tegenpartij, de socialisten, moet samenwerken. Je moet altijd toegevingen doen. De publieke opinie is: de socialisten lopen ermee weg en de liberalen staan met lege handen. Daar zou ik ook niet op stemmen.
Open Vld wordt gestereotypeerd als de partij voor de zelfstandigen en de welvarenden, die de middenklasse de grond in wil duwen. Maar wij weten ook dat je niet kunt verdergaan in de maatschappij tenzij je een sterke middenklasse hebt. Het is geen natuurlijke reflex om liberaal te zijn. Veel mensen zeggen: als je jong bent en je stemt niet socialistisch dan heb je eigenlijk geen hart, je wil iedereen die naast jou is toch helpen? Maar wat is daarvoor nu de manier: de mensen die het aankunnen hun geld afnemen en het geven aan de mensen die het niet kunnen doen, en zo die kloof niet veranderen en het potentieel van die mensen niet volledig benutten; of effectief zoveel mogelijk mogelijkheden creëren voor die mensen zodat ze zichzelf kunnen helpen. Dat is geen logische beredenering voor de meeste mensen.
Uiteindelijk moet je wel laten zien: we hebben veel goede dingen gedaan, wij hebben bijvoorbeeld het homohuwelijk doorgevoerd, wij werken aan basisvrijheden voor alle mensen. Dat is de definitie van het woord liberalisme: vrijheden toekennen aan iedereen die daar recht op heeft.

Ben je blij dat de N-VA gewonnen heeft bij de lokale verkiezingen?
Ik kan mij daar natuurlijk niet over verheugen, ik had liever gezien dat Open Vld 75% van de stemmen had behaald. Maar ik denk wel dat het een mooie trend legt in Antwerpen. Als ze het nu goed doen, zal je zien dat een rechts beleid in Antwerpen wel mogelijk is. Dan kunnen wij doorheen de jaren een alternatief bieden voor een nationalistische partij.

Open Vld heeft vier joodse kandidaten op haar lijsten staan. Jullie zijn een beetje als een trofee binnengehaald, als een wapen in de “battle for the jewish vote”.
Ik vind dat persoonlijk heel spijtig. Ik voel mij geen joods politicus, maar een politicus die joods is, en dat is maar bijzaak. Die battle is uit de mouw geschud door de media. Er is toch ook geen strijd om de Marokkaanse stem, terwijl er veel meer Marokkanen op lijsten staan in Antwerpen en er ook veel meer Marokkanen in Antwerpen zijn dan joden. Ik snap wel waarom ze het gedaan hebben, het is de eerste keer dat er in twee verschillende partijen twee joodse kandidaten waren. André Gantman voor de N-VA en Claude Marinower voor Open Vld. Maar ik en Samuel Markowitz zijn er niet bijgekomen om de joodse Open Vld-flank te gaan uitbouwen, maar omdat wij stemmen kunnen halen. Ik ben er ook voor de gewone Vlaming. Je gaat niet de politiek in om alleen over joodse dingen te gaan praten.

Dus je wilt niet speciaal joodse belangen verdedigen of voor het voetlicht brengen?
Ik zal ter verdediging gaan van joodse belangen, absoluut. Je bent vertegenwoordiger van heel het volk maar toch ook specifieker van je eigen segment. Maar dat zijn tenslotte ook de mensen die voor mij gestemd hebben.

En ga je je ook op de jeugd richten?
Natuurlijk. Ik heb naast de joodse gemeenschap ook onder studenten veel stemmen gehaald. Uiteindelijk is een derde van de bevolking in Antwerpen onder de achttien en zijn de vertegenwoordigers rond de veertig, vijftig jaar oud. Die kloof is te groot. Negentien jaar is inderdaad heel jong, ik mocht dit jaar voor de eerste keer in mijn leven gaan stemmen. Maar ik vind dat geen probleem. Ik lig nog niet vast aan de dogma’s van de politiek. Ik zie mogelijkheden in modernisering van diensten, digitalisering, een app voor de stad, noem maar op. Dat is er allemaal nu niet, en waarom is dat: omdat ze niet weten dat het de toekomst is of omdat ze het belang ervan niet inzien? Mijn kennis van jeugdbeleid, van onderwijs, en ook van de diamantindustrie, dat is een combinatie die mij aantrekkelijk maakt.

Wat zijn je ambities voor de toekomst?
Ik zou graag willen verdergaan in de politiek. Maar eerst zou ik graag mijn bachelor afronden, internationaal gaan studeren, advocaat worden. Ik wil vooral zeker zijn dat ik elke dag in mijn leven mensen aan het helpen ben. Dat ik het niet enkel voor mezelf doe.
Mijn grote ambitie, waarmee ik echt in de wolken zou zijn, is om in het Europees Parlement te geraken. Maar ik zou ook blij zijn in de gemeente- of provincieraad, als ik maar kan meewerken aan beleid.
Iedereen denkt altijd dat ik het allemaal plan, maar ik wil gewoon dingen doen. Ik ga mezelf geen ultimatum stellen. Ik heb het geluk dat ik me goed gepositioneerd heb, veel mensen ken die mij veel kunnen bieden. We zullen zien waar dat mij brengt.
Het is zoals het op de poster staat: doen! Het is een liberaal idee om geen angst te hebben om dingen te willen, om te dromen. Je moet je voeten van de grond durven halen, je moet met je kop in de wolken zitten, tot en met.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *