“Occupy is dood, lange leve Occupy!”

Een regenachtige zaterdag op het Beursplein in Amsterdam. Een groepje mensen verzamelt zich. Ze zetten een tent op, installeren geluidsapparatuur. Rond twee uur ’s middags zijn er zo’n tachtig mensen op het plein die wat ronddrentelen en elkaar begroeten in en rond de tent. De meesten hebben pannen, deksels en trommels bij zich. Mannen en vrouwen, jongeren en ouderen. Sommigen dragen een Anonymous-masker. Op een groot spandoek staat “#globalNOISE – Occupy your world”. Een enkele politieagent ijsbeert rustig heen en weer in de regen.

Deze zaterdag, 13 oktober, werd tot actiedag GlobalNoise uitgeroepen door “een internationaal netwerk van Occupy’ers en Indignados”, volgens de website www.globalnoise.net. In uiteindelijk zo’n 300 steden in Noord- en Zuid-Amerika, Europa, Noord-Afrika en Australië gingen mensen de straat op. Een ouderwetse lawaaidemonstratie om te protesteren tegen “politieke en financiële elites die onze gemeenschappen kapot maken” en om “tegelijkertijd een symbool van eenheid en hoop te zijn dat we samen een nieuwe wereld kunnen maken”, volgens de website. Via Facebook en Twitter werd Global Noisehet initiatief verspreid. Zo’n 400 mensen hadden voor Amsterdam hun komst bevestigd. Deze dag werd tevens aangegrepen om de eerste verjaardag van Occupy Amsterdam te vieren.

De dag begon met een openingsspeech op het Beursplein. Spreker was “spiritueel ondernemer” Robert Jan Heijn. Hij verwelkomde iedereen en vertelde dat “we” hier een jaar geleden ook stonden. Hij doelde op 15 oktober 2011, toen het Beursplein door protestanten bezet werd in navolging van Occupy Wall Street in New York. Heijn concludeerde dat er sindsdien weinig veranderd is. Dat weet hij aan “een spiritueel probleem”, namelijk de overheersing van het ego en het individualisme in de wereld. Hij noemde Occupy een “bewustwordingsbeweging”. “Kijk eens naar de onrechtvaardige verdeling van welvaart in de wereld, naar de schuldenslavernij“. Mensen moesten zich eerst “bewust worden van wat er speelt, om te kunnen weten wat er moet veranderen.” GlobalNoise was volgens hem een middel om, “net als met het vuurwerk op oudejaarsavond, de oude tijdsgeest te verdrijven”.

Na de openingsspeech bood het podium ruimte aan verschillende sprekers en muzikanten. Vrijwel alle sprekers uitten kritiek op de politiek en de bezuinigingen. “We need to investigate the system, merely being against it is not enough. We need to create change ourselves”. Niet alle sprekers kregen evenveel bijval, zoals die van de Vereniging Basisinkomen, die op scepsis stuitten. Onder de muzikanten was de op het Beursplein graag geziene protestzanger Harry Loco die de stemming erin bracht met meezingers als Imagine.

Om vier uur verzamelde iedereen zich midden op het plein: de demonstratie ging beginnen. Er werd op pannen geslagen, op deksels, op blikken en trommels en wasborden, er werd op fluitjes geblazen en één man had een melodica bij zich. Tachtig mensen bleken een heel lawaai te kunnen maken. Dit ging een half uur zo door, terwijl de regen was gestopt. Een jongen met een bos wortels op zijn rug vertelde dat hij had gezien dat protestanten in Italië ook met wortels rondliepen, maar dat hij niet wist waarom. Veel dieper gingen de gesprekken niet met al dat lawaai. Na een tijdje leek de kakafonie van potten en pannen samen te smelten in een gezamenlijk ritme. De lawaaimakers liepen rond met blije gezichten. Als symbool voor hoop en eenheid leek de demonstratie best geslaagd.

Om half vijf vertrok de groep voor een mars door de stad. De mars ging via de Dam over het Rokin en door de Kalverstraat weer terug. Vooraan liepen mensen met een spandoek met “GlobalNoise Amsterdam” erop. De mars had veel bekijks, mensen bleven staan langs de kant, sommigen vroegen om een flyer, veel mensen maakten foto’s en filmpjes. Soms hield de stoet stil en doofde ook het lawaai uit. Op dit soort momenten werden er slogans geroepen, zoals “whose streets? our streets!”. Daarna barstte het lawaai weer los en trok de mars verder. Demonstrant Jacob was blij met de opkomst: “Je moet altijd uitgaan van zo’n 10% van het aantal mensen dat op Facebook bevestigt. Dit was goed in vergelijking met eerdere demonstraties”.

Maar wat was nu precies de boodschap van dit protest? Jacob: “De veranderingen in de wereld die ik wil zien heb ik nog niet gezien, en ik heb het gevoel dat het debat ook nog niet genoeg opengebroken is. Wat mij betreft schaffen we als land het betalen van rente op leningen af, maar dat is nu nog niet politiek verkoopbaar.” Een andere demonstrant: “We willen laten zien dat Occupy niet dood is en dat we gewoon zelf dingen moeten gaan doen”.

De boodschap werd verkondigd met spandoeken: “we are the 99%, history starts now”; “Todos a la calle. We are not goods in the hands of politicians and bankers”; “Stop de bezuinigingen. Haal het geld waar het zit”. De twee uitgedeelde flyers verduidelijkten meer. De eerste bekritiseerde het kapitalisme, het politieke systeem, “propaganda van bedrijven en de staat” en de mainstream media. In de tweede flyer werd het redden van banken met belastinggeld, de bezuinigingen, en de macht van markten en bedrijven over landen bekritiseerd. Op de achterkant stond ook een lijstje oplossingen: de Tobintaks op financiële transacties, geen belastingvrije landen, echte participerende democratie… Ik vroeg een toeschouwer om zijn gedachten: “Tja, eigenlijk sympathiseer ik wel met de ideeën van Occupy. Maar het is me niet duidelijk waar deze demonstratie over gaat. Die twee flyers zeggen niet hetzelfde en met sommige van die stellingen ben ik het echt oneens. Ik identificeer me hier niet echt mee.” Jacob: “Je ziet dat het moeilijk is om mensen te mobiliseren. Het is steeds dezelfde in-crowd. Een tijd geleden riep ik al ‘Occupy is dood, lang leve Occupy!’. We moeten ons proberen te heruitvinden.”

Na een uur, bij terugkomst op het Beursplein, was de energie verdwenen: het lawaai doofde langzaam uit en de slogans kregen nog maar weinig bijval. De in-crowd bleef over, om taart te eten op hun verjaardagsfeestje.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *